Zingen in een band

12 april 2016
Dominique Krijnen

Dominique Krijnen

Interview met Dominique Krijnen, zangeres en haptotherapeut

door Borg Diem Groeneveld

Kun je vertellen wie je bent?

Ik ben Dominique Krijnen, ik vind mezelf wel ondernemend, houd van ontwikkeling, vooruitgang, wil graag steeds iets nieuws. Verdieping.

En wat doe je zoal?

Ik ben haptotherapeut, geef les aan de opleiding voor haptotherapie, ik zing in een band, ik werk bij de Rabobank als haptotherapeut en ik open binnenkort hier in Bergen op Zoom een praktijk, een bezig bijtje dus.

Waarom ben je de opleiding gaan doen?

In eerste instantie omdat ik toen nog dirigent was van een koor, ik miste iets, ik had het gevoel onderbouwing en kennis te missen. Ik voelde me niet vrij genoeg om voor dit koor te kunnen staan en om er mijn ding van te maken.

Heb je er iets aan gehad?

Ik ben vrij snel met het koor gestopt. Waar ik toen naar zocht voor het koor heb ik niet gekregen, maar wel ik zou nu wel op een andere manier het koor kunnen leiden.

Je zingt ook in een band. Kun je vertellen wat je hebt geleerd en wat het je heeft gegeven voor het zingen in de band?

Sowieso is de klankkleur van mijn stem heel erg veranderd. Aandacht te hebben voor mijn benen en mijn rug, overal waar de adem naar toe kan, is heel erg helpend voor klankkleur, voor relaxt zingen en voor het halen van hoge tonen. Het zingen voelt veel losser en vrijer.

Kun je één of twee  momenten uit de opleiding beschrijven die belangrijk zijn geweest in het ontwikkelen van je stem?

Het mooiste moment was toen met de middelste ademruimte.

Kun je dat uitleggen voor een buitenstaander? Wat was het gevoel er bij? Wat verwierf je?

Op dat moment stond ik zo stevig op eigen benen, dat ik mezelf heel erg aanwezig voelde, maar wel op een hele positieve manier, dat ik me heel vrij voelde om te spelen en dat ik echt in contact kon gaan met de ander, dat ik zelfs een beetje kon plagen, maar niet op een vervelende manier. Het voelde heel vrij en heel stevig. En dat smaakte naar meer.

Waar staat dat dan voor, voor jou, de middelste ademruimte?

In verbinding gaan met de ander. Echt in contact gaan. Waar je zelf geraakt kan worden, maar waar je ook echt de ander kan gaan raken. Dat was een heerlijk gevoel.

Mooi. Ja, ik weet het nog precies, hoe je er toen bij stond (heel stevig, stralend en uitdagend). En dat kon je zelf ook weer terughalen later?

Ja dat kon ik ook weer terughalen later, maar dat zou me heel erg helpen als ik daar nog meer tools in kan krijgen of nog vaker ga ervaren in de les. Er zijn wel momenten in mijn dagelijks leven dat ik kan voelen dat het er is, maar dat is nog zeldzaam.

 Wat wil je graag nog meer leren?

Ik ben toe aan de verbindingen tussen de oefeningen. Als ik hoor dat iemand heel veel lucht meegeeft, wat bied ik dan aan en welk scala aan oefeningen heb ik dan. Ik kan dingen zelf bedenken maar het is ook fijn om dat binnen een theoretisch kader te doen. Dat ik echt ga snappen wat ik eigenlijk aan het doen ben. Er staat natuurlijk wel een hoop geschreven in de reader, maar ik heb ook wel de behoefte om het beeldend en pakkend te krijgen.

Hoe is het voor jou als haptonoom om aan deze opleiding mee te doen?

Ik vind het fijn dat het ook ervaringsgericht is. Daarin heb ik ook gemerkt dat ik behoefte had om meer in de diepte te gaan dan anderen, met name in het tweede jaar.

Is haptonomie heel erg hetzelfde of voegt het een dimensie toe?

Nee, het is anders, binnen de haptotherapie kijken we heel erg naar de relatie en helemaal niet naar de adem, omdat we mensen willen laten ervaren welke beweging je maakt binnen relaties. En als je de relatie gaat veranderen of de beweging (je kan altijd uit het contact of in het contact gaan) dan verandert ook je adembeweging.
Ik zie het bij cliënten ook gebeuren: op een gegeven moment wordt het (te) spannend en dan gaan ze in hun cocon zitten en dan gaan ze op hun adem letten, om maar gewoon door te kunnen blijven ademen. En dan zeg ik: hee hallo, het was toch niet fijn? Ga je er nog iets aan doen of puf je het weg? In die zin kijken wij veel eerder naar je impulsen: doe je er iets mee, kun je er anders mee omgaan? Dus het werken met de adem is echt een andere dimensie die er bij komt. En dat maakt het ook leuk. Want het haptonomische stuk en het ademstuk kun je ook heel goed met elkaar verbinden.
Want er is een groep mensen die wil het helemaal niet over zichzelf hebben en dat zijn mensen waar ik heel goed een stukje ademgebeuren mee kan doen. En die stoppen dan als dat beter gaat, of diegenen die eigen gemaakte patronen verder willen onderzoeken, kunnen dan verder met haptonomie. Dus het werken met de adem is echt een aanvulling.

Geef een reactie

‹ Vorig bericht Volgend bericht › Overzicht