Serieus en speels gaan samen

12 september 2016
Patricia van Binsbergen

Patricia van Binsbergen

Patricia van Binsbergen volgde bij Borg Diem Groeneveld de opleiding ‘Adem, Stem en Boventonen’. Ze studeerde in 2010 af als adem- en stemtherapeut en improviserend zanger. Sindsdien geeft ze ook les aan de opleiding. Ze heeft een eigen praktijk waarin ze zangles geeft, ademtherapie en Indiase zang. Ze zingt in een koor en geeft regelmatig concerten met een klassiek repertoire, ook met improvisatie in de trant van de opleiding.

Het begin
Hoe ik er bij gekomen ben om de opleiding te volgen?
Toen ik na zeer ernstige ziekte mijn conservatoriumopleiding weer wilde voortzetten, merkte ik dat mij dat erg zwaar viel. Toch wilde ik met zingen en lesgeven bezig blijven. Zo kwam ik met de opleiding ‘Adem, Stem en Boventonen’ in contact.

Is de opleiding ‘therapeutisch’?
Het therapeutische aspect sprak me wel aan, hoewel ik daar in eerste instantie niet voor gekomen was. Ik heb heel snel gemerkt wat het met mij als persoon deed. Ik heb altijd wel het gevoel gehad dat zingen een therapeutische werking heeft; dat de therapeutische kant in de opleiding zo’n grote component is, had ik niet verwacht, maar dat vond ik eigenlijk wel heel mooi.

Viel het therapeutische karakter je dadelijk al op?
Ik had toen een heel hese stem en daar zei je iets over. Ik zei: ”[ een hese stem ] dat gebeurt als ik me in een nieuwe groep presenteren moet.’ En toen zei jij: “Dat is niet iets wat gebeurt, dat is iets wat jij doet.” Dat zette voor mij de dingen zo ineens in een ander perspectief.
Leg eens even uit, wat is dan de perspectiefverandering voor jou?
Dat je niet meer in een slachtofferrol zit van ‘het gebeurt en ik kan er niks aan doen’: je kunt leren om het ook anders te doen. Dat gaf een soort bevrijding voor mij, ook omdat ik in mijn ziekte toch ook altijd zo constructief met de dingen probeerde om te gaan. Niet in de trant van ‘Wat ben ik nou zielig’ maar: ‘Okee, dit doet zich aan mij voor, wat kan ik er dan aan doen dat ik binnen die beperking toch verbetering kan aanbrengen?’

Het plezier van improviseren
Behalve het ademwerk vond ik ook veel inspiratie in de improvisatielessen. Ik merkte dat het voor mij heel fijn was om vrij te leren worden, om te spélen. Tot ik bij Borg de opleiding volgde was ik voornamelijk bezig met klassieke zang. Ik heb de neiging om iets dat ik mooi vind op een voetstuk te zetten. En dat wordt dan zo groot, dat ik daar eigenlijk zelf bij in het niet verdwijn. Mijn eerste zanglessen waren in antroposofische stijl bij een autodidact; hij was heel enthousiast, maar ik bleef hees. Op een gegeven moment ben ik toen naar een reguliere zangpedagoge gestapt; die legde de vinger op de wonde, maar haar directheid bracht mij in verwarring en eigenlijk hoorde ik alleen maar waar ik toch al zo bang voor was: ’Jij denkt nou wel dat je kunt zingen, maar stel je je er maar niks van voor, het is echt helemaal niks, helemaal fout.’ Dat heeft ze niet eens gezegd. Maar die angst bracht mij heel erg in paniek; het zingen was immers zo belangrijk voor me dat ik absoluut niet wilde stoppen. Ik ben toen naar een andere zanglerares gegaan en die had een voor mij veel betere aanpak. Zij zei:’Je hebt een prachtige stem, maar er zit een barst in. En ik vind het heel spannend om met jou die weg te gaan en te kijken hoe we daar mee om kunnen gaan.’
Dus zo kwam ik er achter dat er een heel groot verband bestaat tussen hoe je in het leven staat, en je stem. Bij dat besef sloot jouw opleiding mooi aan, op het juiste moment.

Jezelf laten zien in het zingen
Ik was zeer geboeid door wat jij deed in het Amsterdamse Concertgebouw (7 mei 2016); ik vond het een openbaring toen te merken dat je met jouw boventoonzang een stukje van je ziel kunt delen met je publiek.
Is dat dan voor jou het ultieme van zingen, waar het om gaat?
Ja, ik ben dat steeds meer gaan beseffen, hoewel het een lange tijd heeft geduurd voor ik dat onder woorden kon brengen. Voor mij gaat het er om dat je de essentie van jezelf laat zien. Daar zitten ook donkere kanten en scherpe randjes aan , zoals ik die in de klassieke opleiding nauwelijks had leren bemiddelen. Door de opleiding ben  ik gaan inzien dat ik eigenlijk de neiging had om alleen maar op het geijkt-mooie gericht te zijn. Maar de schaduwzijde is ook belangrijk, is onderdeel van een nog grotere schoonheid. Het gaat hier om een dubbele beweging: in de eerste plaats om te beseffen dat het er mag zijn, en in de tweede plaats om het zo neer te zetten dat je niet langer de grond  onder je voeten voelt wegzinken. Dit wordt mogelijk juist doordat je in de opleiding de eerste twee jaar besteed hebt om de basis op te bouwen..

Lees hier de uitgebreide versie van het interview: hoe Patricia begon met zingen – muziek is een serieuze zaak – over boventonen

Geef een reactie

‹ Vorig bericht Volgend bericht › Overzicht